Vandaag wordt onze sociale zekerheid hoofdzakelijk gefinancierd door sociale bijdragen van werknemers en werkgevers (73%). De resterende 27% komt enerzijds uit belastingen (btw en roerende voorheffing voor de alternatieve financiering) en anderzijds uit algemene overheidsinkomsten (o.a. de evenwichtsdotatie, overheidssubsidies).
Sociale bijdragen? Uitgesteld loon!
Een deel van het loon van de meeste werknemers wordt niet rechtstreeks aan hen betaald. Het bestaat uit persoonlijke (13,07%) en patronale (25%) sociale bijdragen die aan de RSZ worden betaald om de sociale zekerheid te financieren.
Daarnaast betalen werknemers ook nog een bijzondere bijdrage voor de sociale zekerheid (deze werd in de jaren ‘90 ingevoerd in het Globaal Plan-Dehaene) als ze een gecumuleerd gezinsinkomen van € 1.950 per maand of meer hebben, om zo bij te dragen aan de financiering van de sociale zekerheid.
Voor werknemers zijn deze bijdragen geen verloren loon.
Vroeg of laat krijgen ze deze immers indirect terug in de vorm van dekking voor hun gezin, gaande van de terugbetaling van gezondheidszorg tot sociale uitkeringen wanneer ze werkloos of arbeidsongeschikt zijn, wanneer ze getroffen worden door een arbeidsongeval of een beroepsziekte, wanneer ze gebruik maken van bepaalde vormen van tijdskrediet of thematisch verlof en zelfs wanneer ze met pensioen zijn.
Het gaat dus om uitgesteld loon.

Bron: brochure 'Sociale zekerheid: altijd beschermd' (ABVV)